Inhoud van de 99e jaargang no. 2 april 2002
Artikelen
De vegetatie van De Bol, toen, nu en straks
Met
de benoeming van De Bol tot `Aardkundig Monument' lijkende kansen voor vegetatieontwikkeling
op dit voormalig eiland in de Lek bij Lopik een gunstige wending te hebben genomen.
Maar vertaalt de aardkundige verscheidenheid van het eiland zich ook in een
grote soortendiversiteit? Komt hier goed ontwikkeld stroomdalgrasland en wilgenvloedbos
voor? Welke soorten zijn er inde laatste decennia verloren gegaan? En welke
kansen en bedreigingen zijn er in de nabije toekomst? Tijd om de balans op te
maken.
De tuin als minibiotoop (2)
Het
Longkruid in onze tuin voert al jaren een verwoede strijd om het bestaan met
allerlei veroveraars als Gevlekte dovenetel en ooievaarsbekken. Als we niet
oppassen, overwoekeren die al snel zijn mooie licht gevlekte bladeren. Maar
Longkruid is een plant die niet mag ontbreken in de voorjaarstuin. Zijn aardige
bloemen, eerst roze en daarna tot blauw verkleurend, vormen een geliefde voedselbron
voor allerlei insecten. Een felgele Citroenvlinderman op zo'n kleurig trosje
bloempjes is één van de mooiste lentetaferelen. De eerste dikke
hommelkoninginnen, vooral van Tuinhommel en Akkerhommel, doen de dunne
bloemstengeltjes ombuigen bij het verzamelen van stuifmeel en nectar.
De natuur stelt je toch steeds weer voor verrassingen
In gesprek met plantensocioloog en landschapsecoloog Anton
Stortelder:
Wie
zijn de mensen achter botanische standaardwerken als de'Nederlandse Ecologische
flora' en 'De vegetatie van Nederland'? Om de lezer daarvan enig idee te geven
- plaatsten we jaren geleden in Natura al 'portretten' van Eddy Weeda en Joop
Schaminée. Maar van een vraaggesprek met Anton Stortelder, ook een der
hoofdauteurs van 'De vegetatie van Nederland', was het tot nu toe nog niet gekomen.
Het viel ook niet mee om deze actieve wetenschapper, natuurbeheerder, plattelander,
biljarter, motorrijder en ook nog eens... vlieger voor een interview te strikken.
Maar uiteindelijk is het gelukt en kon Steven van den Brand hem opzoeken in
zijn prachtig in het hout gelegen boerderij 't Olthuus, in het Achterhoekse
Mariënvelde.
Voor
sommige bomen heb ik een zwak en één daarvan is de van oorsprong
Aziatische Hemelboom (Ailanthus altissima). Door veel mensen wordt deze boom
verguisd vanwege zijn grote, grof aandoende bladeren, maar die mening deel ik
niet. Ook zijn eigenschap om schijnbaar op iedere ondergrond spontaan te kiemen
en te groeien wordt hem niet altijd in dank afgenomen. Maar het is juist deze
laatste eigenschap die hem als stadsboom zo buitengewoon interessant maakt.
Een
boomgaard met hoogstamfruitbomen midden in een nieuwbouwwijk; een paddenpoel
vol beschermde planten, libellen en amfibieën in de achtertuin; of een
speeleiland voor kinderen met boomhutten en spannende paadjes op loopafstand.
AI heel wat initiatieven van particulieren hebben geleid tot een prettiger leefomgeving.
Vooral in verstedelijkte gebieden zijn genoeg enthousiaste mensen te vinden
die de natuur graag een handje willen helpen. Maar ook op het platteland blijkt
dikwijls behoefte te bestaan aan meer rust en een meer gevarieerde omgeving,
bijvoorbeeld in de vorm van een wandel- en fietspad langs weilanden, houtwallen
en bloemrijke akkerranden.
De Boerenzwaluw: slachtoffer van een smetteloos
platteland
AI
een aantal jaren heerst er in vogelminnend Nederland bezorgdheid over het teruglopend
aantal zwaluwen, met name waar het de broedparen van Gierzwaluw, Huiszwaluw
en Oeverzwaluw betreft. Over de Boerenzwaluw maakten we ons tot nu toe eigenlijk
niet zoveel zorgen. Ten onrechte, want de moderne agrarische bedrijfsvoering
laat nog maar weinig ruimte voor Hirondo rustica.
Natuurmonitoring in de stedelijke
omgeving
'Beleidsmonitoring'
is een mooi woord voor allerlei meet- en telwerk waarmee vooral overheidsinstanties
de effectiviteit van een bepaald beleid proberen vast te stellen. Het wordt
onder meer toegepast op het gevoerde natuurbeleid. In Delft ging de regionale
KNNV-afdeling wilde planten tellen, met name 'attractieve aandachtssoorten',
in de hoop hiermee het gemeentelijk beleid te kunnen bijsturen... Helaas bleek
deze 'AA-monitor' daarvoor geen goed instrument te zijn. Daarom boog de afdeling
zich vorig jaar tijdens een studiedag over de vraag wat dan wél een
goede monitor zou zijn voor natuur in de stedelijke omgeving.
Een boeiende cursus Veetatiekunde
Als
je jarenlang met streeplijsten door het veld hebt gelopen om planteninventarisaties
te verrichten, begint er van binnen een gevoel van onvrede te groeien. je
hebt dan wel heel veel informatie over een gebied verzameld, maar wat zeggen
al die aangekruiste namen op de streeplijst nu eigenlijk? Wat kun je met deze
gegevens doen? Om antwoord te kunnen geven op deze vragen organiseerde de
CCFV (Contactcommissie voor floristiek en vegetatiekunde) op 18 en 19 mei
2001 voor KNNV'ers een korte cursus `Vegetatiekunde'.
© KNNV-website redactie
bijgewerkt op
10-04-2004