Inhoud van de 104e jaargang no. 6 november/december 2007
Uitneembaar katern Kampen & Reizen (als pdf bestand, 1.807 kb groot)
Artikelen
Temperatuurverschil van tachtig graden, extreme microklimaten nodig voor behoud van biodiversiteit
Veel warmteminnende soorten profiteren niet van de opwarming van de aarde. Integendeel, zij boeren achteruit, doordat de kale plekken waar ze altijd zaten, nu snel dichtgroeien met gras. Met name planten en dieren van voormalige zandverstuivingen verliezen terrein, als de beheerders met de armen over elkaar blijven zitten. In de stuifzanden van het Planken Wambuis probeert de Vereniging Natuurmonumenten het tij te keren. Het is de kunst om de grote variatie in het microklimaat te behouden, zelfs nu het macroklimaat geleidelijk verandert.
Op zoek naar Kaal leermos, nieuwe kans voor leermossen in jonge naaldbosaanplanten
Leermossen zijn opvallend grote grondbewonende korstmossen met blauwwieren. Vrijwel alle soorten staan op de Rode Lijst, maar de vondsten nemen de laatste jaren toe. Traditioneel komen leermossen het meest voor in de duinen, maar de nieuwe vindplaatsen zijn vooral aanplant met Fijnspar op voormalige cultuurgronden in Drenthe en Groningen. We bieden foto’s van de meest voorkomende soorten en roepen iedereen op om zelf op zoek te gaan. Komt Kaal leermos momenteel ook meer voor op de Utrechtse Heuvelrug, in Gelderland, Overijssel en Noord-Brabant?
De flora van Graubünden, botanische omzwervingen vanuit Waltensburg
In het Zwitserse kanton Graubünden heeft de Algemene Reiscommissie van de KNNV een serie plantenreizen georganiseerd. De botanische omzwervingen begonnen soms bij de hoteldeur, soms werden we met hotelbusjes een eindje omhoog geholpen. Tijdens elke KNNV-reis worden de gegevens van de flora (en fauna) nauwkeurig geregistreerd. We schetsen in dit artikel een beeld van de flora van Graubünden.
Teken en tekenst(r)eken, teken zijn interessant, maar niet ongevaarlijk
Teken zuigen bloed bij dieren, maar ook bij mensen. De steek zelf is nauwelijks merkbaar, maar schapenteken kunnen ziekteverwekkers overdragen, zoals de ziekte van Lyme. Het aantal ziektegevallen stijgt de laatste jaren. Bovendien steken meer soorten teken en meer door teken overgedragen ziekten de kop op. Een goede aanleiding voor nadere bestudering.
De insectenwereld zit boordevol verrassingen. Op een middag in september 2005 komt onze oudste dochter binnen rennen met de vraag of ik haar bal uit de vuurdoornheg wil halen. Ze heeft zelf al een poging gedaan om de bal te pakken, maar de stekelige struiken geven hun buit niet prijs. Terwijl ik met haar meeloop, zie ik op haar T-shirt een larve van het veelkleurig Aziatisch lieveheersbeestje (Harmonia axyridis). Als ik het stekelige oranjezwarte diertje oppak blijkt het op de rug een wit, sigaarvormig insecteneitje te dragen van ongeveer 0,7 mm lengte. Een surprise-ei!
Series
Insecten (12): maatschappij zonder managers
Mieren zijn een zeer succesvolle insectengroep. Niet zozeer in aantal soorten: er zijn ongeveer 9500 mierensoorten ofwel 0.5% van alle soorten op aarde zijn mieren. Maar veeleer in aantal individuen. Hun aantallen zijn enorm, evenals hun biomassa. Volgens schattingen is het gewicht aan mieren op aarde ongeveer zo groot als het gewicht aan mensen!
Aan de waterkant: Waterteunisbloem is de mooiste plaagplant
De Waterteunisbloem is een nieuwkomer in onze sloten en plassen. Deze opvallende geelbloeiende vijverplant is in 1990 voor het eerst in het wild in de Nederlandse sloten en kanalen aangetroffen, in 1996 gebeurde dat in België. De van oorsprong Zuid-Amerikaanse soort gedraagt zich in West-Europa als een invasieve exoot. Het stempel 'uitheemse plaagsoort' klinkt vriendelijker, maar is exact hetzelfde.
Het vriest stevig, je loopt over de stijf bevroren petgaten van De Weerribben, de stuifsneeuw knerpt onder je laarzen en je bent op zoek naar libellen. Het is even wennen, want libellen die horen toch bij warmte, lente en zomer? Dat is inderdaad de tijd waarin we de meeste soorten zien, maar uitzonderingen bevestigen de regel. Deze uitzondering wordt gevormd door winterjuffers.
Mijn favoriet: de Noordse stern
De noordse stern maakt elk jaar twee poolzomers mee. Deze vogel vliegt jaarlijks vijfendertigduizend kilometer en daarmee is hij de kampioen van de trekvogels.
Soort van de maand in oktober: de Kleine wintervlinder
De kleine wintervlinder kan zich blijkbaar aanpassen aan een veranderende temperatuur. De temperatuur bepaalt de dag waarop de rupsen uit het ei kruipen en die temperatuursgevoeligheid is erfelijk. Dankzij een sterke selectie blijven de best aangepaste eieren over, die tegelijk met de verse eikenbladeren uitkomen. Dat is de belangrijkste conclusie uit het proefschrift van Margriet van Asch.
U kunt via natura@knnv.nl reageren op artikelen in dit nummer.
© KNNV-website redactie
bijgewerkt op
11-03-2008