 |
Veldkrekel (Gryllus campestris) |
| Orde: |
Sprinkhanen en krekels (Orthoptera) |
| Familie: |
Krekels (Gryllidea) |
| Kenmerken: |
Het lichaam is zwart met zwart-bruin getekende vleugels.
Bezit een opvallende grote en brede kop. |
| Lengte: |
20 - 26 mm. |
| Voedsel: |
Allerlei dood plantaardig of dierlijkmateriaal. |
| Gedrag: |
Leeft in een zelf gegraven holletje in de grond.
Het mannetje maakt een helder geluid dat klinkt als kri..kri..kri..kri.
Hij doet dat terwijl hij in de opening van het holletje zit. |
| Biotoop: |
Droge, met gras begroeide bodem of droge heide. |
| Rode lijst: |
Bedreigd.
In het zuiden van Nederland nog een algemene soort. |
| Bron: |
De sprinkhanen en krekels van Nederland, Nationaal Natuurhistorisch Museum, KNNV Uitgeverij, European Invertebrate Survey -Nederland.
Veldgids Sprinkhanen en krekels, KNNV Uitgeverij.
Nieuwe insektengids, Thieme. |