 |
Zwartsprietdikkopje (Thymelicus lineola) |
| Orde: |
Vlinders (Lepidoptera) |
| Familie: |
Dikkopjes (Hesperiidae) |
| Kenmerken: |
De bovenkant van de vleugels is lichtbruin tot geel en zonder tekening.
De geurstreep van de mannetjes loopt evenwijdig aan de aders van de voorvleugels.
De onderkant van de sprietknop is zwart of donkerbruin. |
| Afmeting: |
22 tot 26 mm. |
| Waardplant: |
Verschillende grassoorten. |
| Vliegtijd: |
Begin juli tot half augustus. |
| Gedrag: |
De vlinder zuigt bij voorkeur nectar van allerlei distelsoorten.
Zit graag op vochtige grond, om daar water op te zuigen.
Vliegt in één generatie. Overwintert als rupsje in het ei. |
| Biotoop: |
Droge graslanden en ruigten. |
| Status: |
Algemeen. |
| Bron: |
Veldgids Dagvlinders, KNNV.
De nieuwe Vlindergids, Tirion.
Vlinders, Thieme. |