 |
Witte bultzwam (Trametes gibbosa) |
| Klasse |
Hymenomycetes |
| Orde: |
Plaatjesloze vlieszwammen (Aphyllophorales) |
| Familie: |
Polyporen (Polyporaceae) |
| Kenmerken: |
Console- tot halfronde, schotelvormige paddestoel.
De witte tot beige of gelig-bruine bovenkant is golvend met aan de plaats waar hij vastzit een dikke bult.
Bezit een scherpe, gekerfde, witte tot bruine rand.
De buisjes zijn wit tot crèmekleurig. |
| Dikte: |
1 tot 4 cm. |
| Breedte: |
Maximaal 15 tot 20 cm. |
| Standplaats: |
Op stronken en stammen van verschillende loofbomen.
Waarschijnlijk ook parasiterend op het mycelium van de Grijze gaatjeszwam (Bjerkandera adusta). |
| Status: |
Algemeen. |
| Bron: |
Paddestoelengids, ETI.
Besluit Rode lijsten flora en fauna, Minister van Landbouw, Natuur en voedselkwaliteit. |