 |
Panteramaniet (Amanita pantherina) |
| Klasse |
Hymenomycetes |
| Orde: |
Plaatjeszwammen (Agaricales) |
| Familie: |
Knolzwammen (Ammanitaceae) |
| Kenmerken: |
De meestal leverbruine hoed bezit kleine witte 'wratten'.
De hoedrand is fijn gestreept.
Zoals bij alle amanieten zijn de plaatjes vrijstaand.
De knol bezit een boord.
Soms is deze duidelijk dubbel aangelegd.
Door deze boord lijkt het alsof de zuiver witte steel in de knol is gestoken.
Vormt mycorrhiza's met verschillende boomsoorten, maar nooit met wilgen, elzen, populieren of esdoorns. |
| Hoogte: |
10 tot 14 cm. |
| Breedte: |
8 tot 12 cm. |
Vruchtlichamen aanwezig: |
Juni - oktober. |
| Standplaats: |
Op vele plaatsen in uiteenlopende bostypen. |
| Status: |
Algemeen. |
| Bron: |
Paddestoelen van West- en Midden-Europa, Reader's Digest.
Besluit Rode lijsten flora en fauna, Minister van Landbouw, Natuur en voedselkwaliteit.
Paddestoelengids, ETI. |