Vlinderwerkgroep "De Kop van Overijssel":

De bijeenkomsten van de vlinderwerkgroep zijn van oktober t/m april op de 1e maandagavond van de maand in De Klincke (Kerkstraat 16, Steenwijk) en beginnen om 19.30 uur. Van mei t/m september zijn er zomeractiviteiten.
Belangstellenden zijn van harte welkom !

     


 

contactpersoon:

Gerrit Padding,
Troelstrastraat 25,
8331 AS Steenwijk
tel.: 0521-516771
e-mail: gerritpadding@hotmail.com

 foto's op deze pagina © Gerrit Padding

                                                                zilveren maan

 


De vlinderwerkgroep houdt zich bezig met het uitwisselen van kennis en ervaringen van dag- en nachtvlinders in Nw-Overijssel. Daartoe is er op de bijeenkomsten uitwisseling van nieuws en wetenswaardigheden, zijn er boekbesprekingen, worden foto's en films gepresenteerd en wordt een cursus vlinderherkenning gegeven.
Rode draad project is ei-telling in de winter van de sleedoornpage.
In de zomer periode zijn er excursies en wordt deelgenomen aan vlinderinventarisaties.

Er kunnen zich wijzigingen voordoen; zie hiervoor het nieuws en/of de agenda.

De sleedoornpage in Steenwijk en omgeving.

De sleedoornpage is een in Nederland zeldzame vlinder, die op de Rode Lijst staat. Op enkele plaatsen in Nederland komt de soort, die vroeger berkenpage heette, nog voor. Eén van deze locaties is Steenwijk en omgeving.
De sleedoornpage heeft maar één generatie per jaar, vliegt van eind juli tot in oktober en heeft met name de sleedoorn als waardplant. Jaarlijks worden de eitjes geteld; zij worden gelegd in de oksels van takken op de grens van oud naar jong hout, alwaar zij overwinteren. De eitjes zijn room-achtig wit, enigzins geribbeld en speldeknop groot. De tellingen vinden in de winter plaats omdat de eitjes juist dan goed opvallen als kleine witte stipjes op de kale, donkere takken.

 


Omdat (oudere) sleedoornstruiken met enige regelmaat worden gesnoeid en om te voorkomen dat eitjes verloren gaan, is er overleg met de gemeente om de diverse activiteiten op elkaar af te stemmen. Dat houdt in dat de gemeente aangeeft welke percelen gesnoeid gaan worden, zodat tijdig kan worden geteld en de aanwezige eitjes verzameld*. Van groot belang is dat gefaseerd wordt gesnoeid  zodat er voldoende, jonge struiken over blijven voor nieuwe ei-afzetting. Nadat de eitjes in het voorjaar, onder invloed van de hoger wordende temperatuur, zijn uitgekomen worden de rupsjes weer terug gezet op jonge sleedoornstruiken, waar zij zich te goed doen aan de uitkomende knoppen en later het blad. De rupsen verpoppen eind juni, begin juli op de grond onder afgevallen bladeren.

 

 


Er zijn dit jaar al weer eitjes van de sleedoornpage gevonden. Ook op het nieuw ingerichte deel langs de sportvelden (het Oerthepad) zijn op de hernieuwd aangeplante sleedoorn eitjes gevonden.

Lang niet alle eitjes zullen uitkomen; een aantal eitjes zullen geparasiteerd zijn door een sluipwesp. Deze sluipwespjes, van ongeveer een halve millimeter groot, liften mee op de sleedoornpage.
Wanneer de vlinder een eitje legt, zet de sluipwesp haar eitje af in dit eitje.

Dit sluipwespje, met de wetenschappelijke naam Trichogramma aurosum*, is een voor Nederland nieuwe soort en is door Gerrit Padding in Steenwijk (2010) ontdekt.

*) soortbepaling verricht Wageningen UR en Henk de Vries (Vlinderstichting).

 

De Koninginnepage is een prachtige en zeer tot de verbeelding sprekende vlinder, die menig natuurliefhebber graag wil zien.
Het is dan ook zeer verheugend dat deze soort in toenemende mate wordt waargenomen in Nederland.

Bijgaande foto's van rupsen, op wortelloof, pop en vlinder zijn in 2011 gemaakt in de gemeente Steenwijkerland.

   
   
   
Lees meer over de sleedoornpage: sleedoornpage en de koninginnepage, of kijk op de pagina van de vlinderstichting.