Verslag van bezoek aan de Gooise heemtuin Blaricum (juni 2010)

Op een zonnige dag, begin juni, brengen we een bezoek aan de Gooise heemtuin.

grasklokjeDe tuin ligt in Blaricum op de rand van de Gooise stuwwal. Via een zandpad, de Woensbergweg, die voert langs de mooie cultuur­historische Blaricummer eng komen we bij de parkeerplaats van de begraafplaats. Daar staat Wouter Nugteren, coördinator van de heem­tuinwerkgroep ons al op te wachten. De tuin ligt verscholen in het eiken­bos aan de begraafplaats. Vlakbij de parkeerplaats leidt hij ons naar de ingang die gemarkeerd is met een grote zwerfsteen en een bord dat naar de heemtuin verwijst. Via de bijenschans Steeg­land komen we bij het bospad waar een slingerpaadje ons naar de heemtuin voert. Het eerste dat we zien is een hoge wal. Een smal pad langs de wal met veelgrootbloemig muur voert omhoog naar de uitkijkplaats over de tuin. Een aantrekkelijke kleine vallei met heide en (korst)mossen strekt zich voor ons uit….

Tijdens de koffie ho­ren we het ver­haal o­ver de ge­schie­denis en het be­heer van de heem­tuin.

Bij het ge­meen­te­huis van Bla­ricum werd al in 1973 een heem­tuin aan­gelegd door de Stich­ting. Deze tuin moest echter wij­ken voor par­keer­gelegen­heid. 14 Jaar geleden begon de Stichting opnieuw met deze heemtuin aan de Woensbergweg.

De voedselrijke bovenlaag is er tot op het kale zand afgehaald en opgeworpen tot een hoge humuswal. Er zijn verschillende bodemsoorten die in het Gooi voor­komen gecreëerd. Voor een kalkrijke ondergrond zijn fijngestampte schelpen gebruikt.
Leem is aan­gevoerd en zand was er al. Mogelijkheden om leiding­water te gebruiken werden aangelegd. Planten uit de oude tuin en nieuwe inheemse planten werden aan­geplant en zo zijn op kleine schaal Gooise land­schapselementen ontwikkeld, zoals loofbos, heide, heidevennetje, leem­kuil, schraal grasland, kalkrijk grasland (Zuiderzee­kust), libellenplas en houtwal. Het beheer is in handen van de Stichting Wilde Planten Blaricum. Financieel zijn zij geheel afhankelijk van donateurs
.”

VINK

Ed Sival, de secretaris van de stichting en noeste werker van de tuin, heeft zich intussen bij ons aangesloten. We worden overvoerd met zijn ideeën over het beheer volgens de richtlijnen en ideeën van de bekende bioloog en wildetuindeskundige dr. Ger Londo en mede door oernatuur­kenner dr. Frans Vera. Wij volgen het met een knipoog.

Interessant is het dat de stichting samen­werkt met het IVN. De IVN-werk­groep Heem­tuin Educatie voert het werk in de tuin uit en geeft voorlichting. Eén à twee keer per jaar maaien ze de gras­landen en voeren het maaisel af. Ze wie­den, zaaien en planten zo min mogelijk. In het voorjaar ruimen ze het blad en tussendoor worden de paden geschoffeld, die voor een scheiding tussen de biotopen moeten zorgen. Verder verzorgen ze rondleidingen op de woensdagochtenden. Wouter Nugteren, onze gastheer, is de coördinator van de werkgroep.

BEZICHTIGING TUIN

Dan beginnen we aan de rondleiding, de heidevallei komt tot leven…. Op de kalkrijke helling (de Zuiderzeekust) bloeien de knolboterbloem en de felroze steenanjer. Dit deel van de tuin is het bloemrijkste. In de droge heide groeit naast gewone heide ook kraaiheide, vrij zeldzaam in het Gooi. De Gaspeldoorn breidt zich sterk uit op de zonnige helling. In de jeneverbes zien we een geelgors, die daar een nestje heeft gebouwd. Het heidevennetje wordt uitsluitend door regenwater gevoed. Er groeit veenmos. De wel en de plasjes worden indien nodig gevoed door leidingwater. Er groeien veel rietorchissen en in de mooie libellenplas staan veel moerasvarens, watermunt en andere waterplanten. We horen vogels en kikkers en zien libellen. Op de voedselrijke wal is heel slim een vogelkijkhut gebouwd van wilgentenen, omgeven door braamstruiken. Onopgemerkt door de vogels heb je een goede kans om een sperwer of zangvogels te zien. De greppel aan de onderkant van de wal is gegraven om het voedselrijke water af te voeren zodat het niet op de voedselarme plekken komt. Goed bedacht! Op de houtwal staan stekelige meidoorns en zijn nog niet zo lang geleden wilde appel en sleedoorn aangeplant. De helling staat vol mossen. Toen men nog niet gebruikmaakte van prikkeldraad was dit een gangbare veekering. In het bos ligt veel dood hout, een knipoog naar het oerbos. Er is een marterkast opgehangen en de marterhoop, een houtstapel afgedekt met gras, wordt inderdaad door de marter bezocht (uitwerpselen gevonden). We lopen terug langs een wal met veel varens en hebben een goed gevoel bij deze tuin en de mensen die de initiatiefnemers zijn en hem onderhouden. Deze heemtuin benadert de heemtuin, zoals Jac. P. Thijsse het bedoeld heeft, met landschapselementen en inheemse planten en dieren uit de omgeving, in dit geval het Gooi. Een educatieve tuin vlak bij de mensen. Ook de natuurgidsen doen hier hun plantenkennis op.

PLANT MET INSECTNa de lunch laat onze gastheer de omgeving van de heemtuin zien, de Blaricummer Eng en de Groeve Oostermeent. Op de akkers worden afwisselend rogge, mais en asperges verbouwd.
Vooraan staan de bijenplanten en langs de randen groeien akkeronkruiden. Verder voert de wandeling ons, eerst over de oude verlengde Bergweg, over droge verstoorde zandgrond waar zandzegge en buntgras pionieren samen met hazenpootje, muurpeper en geelwalstro. Daarna bergafwaarts naar de Groeve Oostermeent waar de afgravingen beëindigd zijn en waar nu een begrazingsgebied van het Goois Natuurreservaat is. Dit natuur­monument in ontwikkeling is een natuurwetenschappelijk waardevol onderdeel van de overgang van het pleistoceen stuwwallengebied naar het rivierdal van de Eem. Het bestaat uit een afgraving met nat en droog heideschraal grasland, een steilwand en een oeverzwaluwwand.
Er komt schoon voedselarm kwelwater aan de oppervlakte en er zijn kikkerpoelen.
We ontdekken o.a. zandblauwtje, een hooibeestje, twee soorten zonnedauw, waterviolier, moerasvaren en in greppels heel verrassend moerasandijvie. We zijn helemaal enthousiast en Trudy Thomassen haalt daardoor nog een nat pak.
Haar fototoestel blijft gelukkig ongeschonden.

Wij bedanken Wouter hartelijk en overhandigen een cadeautje en hij nodigt ons uit om ook naar de klokjesgentiaan te komen kijken die hier in de buurt groeit. Dat lijkt ons natuurlijk fantastisch. Wij nodigen hem uit om ook in onze tuin te komen kijken met de werkgroep en aansluitend een botanisch interessant natuurgebied te bezoeken.
Dat zal hij zeker doen.

Deel deze pagina