Determinatieavond bij Cor Thuis.

Appelrussula, Asgrauwe kaaszwam? Eekhoorntjesbrood, Elfenbankje, Geschubde stekelzwam (Z), Gewone glimmerinktzwam
Gezoneerde stekelzwam (Z), Grofplaatrussula, Grote parasolzwam, Grote trechterzwam, Kastanjeboleet, nolparasolzwam
Purperrode russula, Rode zwavelkop, Roestvlekkenzwam, Roodsteelfluweelboleet, Ruderale vaalhoed, Scherpe schelpzwam
Sombere honingzwam, Streepsteelmycena, Varkensoortje, Waaiertje, Zwarte berkenboleet, Zwartpurperen russula, Zwartwordende wasplaat (var. conica f. conica).

Ratum in augustus: Fraaie heideveldjes, blauwe knoop en paddenstoelen. Excursie 9-8-2015

Als je met Fred Bos als excursieleider op stap gaat, weet je dat er heel wat planten de revue zullen passeren. Want zoals Fred de flora kent, zijn er niet veel in onze afdeling. Daarom was ik blij dat ik hem ook nog wat kon leren, met name op het gebied van paddenstoelen. Via een mooi bloeiend heide veldje in de buurt van de steengroeve fietsten we richting Tenkinkbos bij de grens. Het einddoel van de Muggenhoek, maar we zagen zoveel leuks onderweg dat we dat niet eens meer gehaald hebben. Het begon al met de ontdekking in het dorp dat tussen de straatstenen vooral  straatliefdegras stond en het bekende straatgras vonden we in de berm en het plantsoen waar het wat vochtiger was. Verder stond in het gras een mooie heksenkring van zover wij konden nagaan de gewone (gekweekte) champignon.

Bij aankomst op het heideveldje begonnen we al met een tijgerspin die een hooibeestje in zijn net gevangen had. De vlinder spartelde eerst nog wel hevig tegen, maar werd al spoedig helemaal ingesponnen en was dus de sigaar. Op dit terreintje vonden we o.a. blauwe knoop, fraai hertshooi en klokjesgentiaan. Hier was werk aan de winkel voor de natuurwerkgroep, want er stond heel wat opslag.

Boven het Tenkinkbos ligt aan de grens ook een leuk terreintje, de Haare. Hier komt de natuurwerkgroep ook regelmatig en het stond er prima bij. Ook hier veel hooibeestjes, atalanta’s, koevinkje en bont zandoogje. Verder kleine zonnedauw, moeraswolfsklauw, witte en bruine snavelbies, vossenbes en één klokjesgentiaan.

Door het nattere weer eind juli waren er al heel wat paddenstoelen; aardappelbovist, parelamaniet, roodsteelfluweelboleet, russula’s, gewoon fluweelpootje en dennenvoetzwam. Maar het leukste was in een holle boom langs de grens een grote zijdeachtige beurszwam. Die hadden wij nog nooit gezien.

Onderweg viel ons op hoe rijkelijk er langs de in de bermen met zaaipakketten wordt gewerkt. Luzerne, cichorei; je weet niet meer wat je kunt vertrouwen. Maar de stinkende ballote leek wel oorspronkelijk. En dat is wel bijzonder voor Winterswijk, want dit is meer een plant van Limburg en de duinen.

Op zoek naar sprinkhanen. excursie 23-08-2015

Het weer was mooi voor sprinkhanen. Als het aan mij lag, hadden we er geen gevonden, want ik takel af en hoor ze niet meer. Maar Rody gelukkig wel en dat hoort ook zo als je excursieleider bent. We gingen vandaag naar een paar onbekende terreintjes in de buurt van Bekendelle.

Het eerste was Steenkamp; een vrij vochtig ca. 10 jaar geleden afgeplagd terreintje langs het fietspad van Hoge Veld naar Tuintje thee. Het wordt ieder jaar gemaaid; te zien aan de wilgen- en berkenopslag die laag en breed is. Het ligt op de helling van het Hoge Veld. Hier komt waarschijnlijk de kwel vandaan. Hier vonden we o.m. heel veel krassers, de ratelaar en het zuidelijke spitskopje, een zuidelijke soort die hier pas zo’n 15 jaar is. Vermoedelijk via het Rijndal naar hier gekomen. Verder vingen we de moerassprinkhaan met zijn geel-zwarte knieën en de kustsprinkhaan.

Het was verder een rijk voedselarm grasland met o.a. gevlekte orchis, brede orchis, heidekartelblad, blauwe knoop, kale jonker, moeraswolfsklauw, duizend guldenkruid, kleine zonnedauw, stekelbrem, witte en bruine snavelbies en heel veel egelboterbloem.

Wat verder naar beneden bij de beek lag bij de plek van de voormalige Broekmolen ook een schraallandje. Dit was al veel langer geleden afgeplagd. In die (meer dan?) 20 jaar waren de bomen langs de randen van de weg en de beek al zo hoog dat het terreintje meer op een wat open plek in het bos leek. Temeer daar het gebiedje bijna geheel door hoge opslag van els, berk en wilg overwoekerd was.

Tot mijn verbazing stond er echter veel blauwe knoop. En niet een beetje veel; nee, heel veel! En zelfs ook een witte blauwe knoop. Ook zagen we hier tormentil. Hé, die waren we daarnet niet tegengekomen. En warempel; op één plekje ook nog kleine zonnedauw. We vingen hier nog het zeggedoorntje en Rody hoorde een aantal bramensprinkhanen. Maar die waren ons te slim af. De loeders laten zich snel vallen en dan vind je ze nooit weer terug in het gras. Het is trouwens wel eigenlijk een soort van de grote rivieren! Als met al een mooie excursie op een mooie dag!
Ed Grotenhuis.

Excursie Bufferzone Vragenderveen dd: 30 mei j.l.

Na regen komt zonneschijn.

U zult wel denken: Die Grotenhuis zeurt altijd over het weer bij de excursies, maar ook vandaag (30 mei) was het een dag van extremen. Toen ik van huis wilde gaan, kwam er een flinke hagelbui en was het 9° C. Ik dacht nog: Heeft het wel zin om te gaan? Maar buienradar gaf hoop. En een goede excursieleider als Ron laat je niet zomaar staan. Er waren warempel een aantal jongeren van de Saxion Hogeschool in Enschede die speciaal (voor hun werkstuk) voor de excursie naar Vragender waren gekomen.

Het veen was i.v.m. broedende kraanvogels gesloten. Eén of twee paar? Ik heb er in april vier zien baltsen. Maar we zouden alleen in de randzone komen die met de ruilverkaveling aan het veen is toegevoegd, dus dat was geen bezwaar. Door deze randzone is een bufferzone van ca. 180 ha ontstaan, waar door o.m. afplaggen aan natuurontwikkeling wordt gedaan. Ron kon ons hierbij nog iets bijzonders laten zien. Dit voorjaar is in de randzone het zeldzame Klein Sterrekroos ontdekt. Is in Gelderland verder alleen bij Groesbeek gevonden.

Langzamerhand kwam de zon door en werd het zelfs mooi weer. Meteen lieten de vogels zich zien en horen. Havik, buizerd, vrouwtje blauwe kiekendief en een alarmerende boomvalk. En overal zongen zwartkop, tuinfluiter, fitis, tjiftjaf en boompiepers. Ook libellen kwamen tevoorschijn, o.a. de witsnuitlibel, vrouwtje gewone oeverlibel en de zeer algemene watersnuffel. Het veen was nu op zijn mooist met de zon die scheen over de massaal voorkomende veenpluis en eenarig wollegras. De laatste pinksterbloemen stonden er nog en dus ook met de gebruikelijke oranjetipjes. Andere soorten o.a.: watertorkruid, gele waterkers, vossenbes, veel veldbies, waterviolier, kale jonker, gagel, tormentil en verschillende soorten zeggen.

Aan de rand van het veen is in het verlengde van de Manenschijnweg een hoge natuurobservatieopost neergezet van waaruit je een groot deel van het veen kunt overzien. Iemand zei: Het lijkt Afrika wel, zo van boven met die boomgroepen en open stukken; net een savanne. Maar dan moet je de hoge windmolens in de verte bij Zwilbroek en Oeding wel even wegdenken. Ik vond het mooi dat je van hier af, net als vroeger over het kale hoogveen de kerktoren van Winterswijk kon zien. Maar je moet er nu wel eerst voor klimmen. De jongeren waren zeer tevreden. 

Ed Grotenhuis.

 

Deel deze pagina