Tilburg stond vroeger vol met hagen en heggen. Die hadden de Tilburgers zelf om hun tuin en erf gezet. Nu is het vooral de gemeente Tilburg die hagen aanlegt en dan vooral om alle gebruikers in het verkeer uit elkaar te houden. De nieuwste rage is om hiervoor de olijfwilg te gebruiken. Ook al houd je je ogen gesloten, volg je neus en je vindt hem nu overal in het centrum.

Lange tijd werden de tuinafscheidingen gemaakt met vooral liguster- en beukenhagen. De rondscharrelende mussen doken in de dichte haag om te schuilen of om veilig met z’n allen te slapen. Later werden veel hagen ingeruild voor mooie schuttingen van betonplaten. Handig voor mensen zonder groene vingers, want zo’n levenloze wand gaat jaren mee, zonder onderhoud en zonder last van ongedierte.

De mooi geschoren hagen in de huidige tuinen zijn er meer voor de schoonheid. De taxus, buxus of laurierkers hebben helemaal geen behoefte om zo klein te blijven, maar iedere keer als ze een normalere vorm gaan aannemen, maakt de bewoner of de tuinman ze met een schaar een kopje kleiner. 

De gemeente Tilburg gebruikt hagen om wandelaars, fietsers en auto’s van elkaar te scheiden. Na een aantal jaren komen bepaalde soorten in de mode en onze moderne gemeente wil daarbij natuurlijk niet achterblijven. Jarenlang mocht de Spaanse aak, een kleine esdoornsoort, voor de hagen zorgen. Een paar jaar geleden was er ineens een kleine soort hulst die o.a. langs de hele Spoorlaan en delen van de Ringbaan West verscheen. Met zijn witte bloempjes en rode vruchten is het een aantrekkelijke plant om te zien. Zijn stevig getande bladeren nodigen ook niet uit om na een avondje stappen lekker in het groen te rollebollen. 

Ik weet niet of u het al ontdekt heeft, want nog nooit is er zo’n enorme oppervlakte aan nieuwe hagen geplant met een nieuwe soort uit Azië: de olijfwilg. De struik heeft een vreemde naam, want het is geen olijf en ook geen wilg. Wilgen zijn allang uitgebloeid; de olijfwilg begint daar nu pas mee. In de oksels van de bladeren zitten een paar gesteelde witachtige bloemen. Ze hebben geen bloemkroon. Wat je ziet zijn witte vergroeide kelkbladen, met vier slippen aan de top. De bloemen hebben een heel zoete geur. Je hoeft je neus echt niet in de struik te steken om dit te ruiken. Op meters afstand komt het aroma je tegemoet. Voor bijen en hommels is het een geschikte stuifmeel- en nectarplant. 

Bloemen van de Olijfwilg, foto ©Rob Vereijken

De bladeren zijn tweekleurig. De bovenkant is glimmend donkergroen met vaak honderden kleine lichte stipjes. Ieder stipje is een harig sterretje, dat iets op het blad ligt. Het blad voelt daardoor ook fluweelachtig aan. De onderkant van het blad is zilvergrijs. 

De olijfwilg houdt zijn bladeren ook in de winter vast. Deze eigenschap en dat hij goed tegen luchtverontreiniging, wind en zout kan, maakt hem tot een geschikte struik langs onze wegen. De hele Burgemeester Brokxlaan, Noordhoekring, Hart van Brabantlaan en nog meer plekken zijn voorzien van olijfwilghagen. Tilburg wil meer biodiversiteit in de stad. Dan verwacht je dat er ook veel variatie in de aanplant zit. De enorme olijfwilglinten helpen slechts een paar diersoorten. Hagen met een mix van de al eerder genoemde soorten en nog aangevuld met meidoorn en vlier, zijn voor veel meer vogels en insecten aantrekkelijk. In de Bokhamer staan die nog hier en daar. Er wordt door sommigen gehoopt dat de olijfwilg binnenkort uit de mode is en dat de inheemse hagen weer terugkomen.

Er zit dus niets anders op dan tot die tijd maar te genieten van de zoete nazomerse stadsgeuren.

Rob Vereijken  

Deel deze pagina