Met zijn pyjama aan, werd hij met rust gelaten. Door het geel-zwarte streepjesmotief vermoedde men dat hij wel erg gevaarlijk zou zijn. De pyjamazweefvlieg houdt iedereen voor de gek. Zelfs in het Brabants Dagblad stond onlangs een mooie vakantiefoto van twee kleine zogenaamde wespen die schuilden in een bloem. Het waren gewoon twee nectar en stuifmeel snoepende zweefvliegen.

Snorzweefvlieg (foto Henk Kuiper)Snorzweefvlieg (foto Henk Kuiper)

De zomer is voorbij. Eén dier heeft wel heel veel aandacht gekregen dit jaar: de wesp. Iedereen werd gek en gilde als die beesten vliegend om je heen bleven hangen. Kranten stonden vol met reacties, terwijl een wesp alleen maar steekt als ze in levensgevaar is. Natuurlijk kan iemand allergisch reageren op een steek. Over het algemeen zijn limonadewespen hooguit wat lastig, nadat ze het hele voorjaar en het begin van de zomer ontzettend veel muggen, vliegen en insectenlarven hebben gevangen. Dit allemaal om het broed in het wespennest met eiwitten te kunnen voeden.

Het is de onwetendheid over de leefwijze van de wesp, die hem niet erg geliefd maakt. Hij gedraagt zich ook wel wat onberekenbaar. Maar mensen worden over het algemeen steeds banger voor hun omgeving. Een boom is gevaarlijk, want daar kun je uit vallen of een tak kan naar beneden komen. Over een boomwortel kun je zomaar struikelen. Alle bessen en paddenstoelen zijn giftig. Ook naar de medemensen hebben we diezelfde houding. Zit iemand te lang op het toilet in de trein, dan ligt een deel van het treinverkeer plat. Tegelijkertijd werd elders een gebouw ontruimd omdat er een onbekende zak stond. Uiteindelijk bleek er kleding in te zitten en mogelijk een pyjama.

Nu weer terug naar de pyjamazweefvlieg. Zijn achterlijf heeft oranje en zwarte banden. Er zitten ook dunne zwarte strepen bij die op een snor lijken. Daarom wordt hij ook snorzweefvlieg genoemd. Door die bonte kleuren denken zijn natuurlijke vijanden dat hij een wesp is. Het lijken op wespen, bijen of hommels komt veel voor bij de zweefvliegen. In de natuur wordt je daardoor met rust gelaten, maar bij de mens werkt dat vaak averechts. Word je aangezien voor een wesp, dan volgt vaak de genadeklap, niet wetende dat zweefvliegen ook het hulpje van de mens zijn.
De volwassen pyjamazweefvliegen eten van allerlei verschillende bloemen in de tuin. Na de paring gaan ze op zoek naar bladluizenkolonies. Daarbij leggen ze de eieren. Komt het ei uit, dan begint de larf meteen met het verorberen van bladluizen. Omdat hij alleen luizen eet, worden ze ook in kassen uitgezet om het luizenvolk biologisch te bestrijden.

De pyjamazweefvlieg is overal heel algemeen. Zelfs in piepkleine tuintjes en bij bloembakken aan het balkon komen ze graag op bezoek. Je ziet ze in de zomerperiode het meest, maar zijn in bijna alle maanden van het jaar te vinden. De poppen, larven en mannetjes overleven onze winters niet. Vrouwtjes, die in het najaar bevrucht zijn, hebben wel overlevingskansen. In het vroege voorjaar leggen zij eieren. In mei komt daar een nieuwe generatie pyjamazweefvliegen uit. Het bijzondere is dat tegelijkertijd duizenden zweefvliegen vanuit het zuiden Nederland hopen te bereiken. Vaak worden honderden kilometers afgelegd om hier een voortbestaan op te bouwen.
In het najaar gaan ook weer vele duizenden vliegen naar het zuiden om daar als volwassen dier te overwinteren. We hebben nu dus niet alleen de vogeltrek naar het zuiden, maar ook de pyjamavliegentrek.

Mensen vrezen vaak het onbekende. Hopelijk zijn uw mogelijke angsten verdwenen bij het zien van zo’n ‘wespje’. Mensen en de natuur zijn veel te boeiend om er met een grote boog omheen te lopen, laat staan om er gillend van weg te rennen.

Rob Vereijken

Deel deze pagina