dinsdag 24 maart 2020

NRC (Wetenschap) 20 maart 2020 door Gemma Verhuizen
Het veld in met zuigbuis en vlindernet

Ten zuidwesten van Tilburg, vlak langs de A58, ligt het best onderzochte stuk natuur van Nederland: De Kaaistoep. Het domein van nachtvlinders, korstmossen, pissebedden, eendagsvliegen, paddenstoelen – én van talloze vrijwilligers die hier al 25 jaar lang onderzoek doen.
Om dat jubileum te vieren komt de KNNV-afdeling Tilburg nu met een kleurrijk boek. 720 pagina’s waar je uren in wilt bladeren: naast een viering van 25 jaar onderzoek is dit ook een viering van de biodiversiteit.

Van de zombieachtige kop van een vleesvlieg tot het opvallend snoezige uiterlijk van de eikenprocessievlinder: door de vele close-up-foto’s blijf je je verbazen over de verscheidenheid van de natuur. En dan zijn er nog de foto’s van veldwerk in actie: biologen in de blubber of languit in het gras, gewapend met vlindernet, verrekijker of ‘zuigbuis’. De verzamelmaterialen klinken als een gedicht: colaval, flessenval, malaiseval, potval, pijpval, raamval, rasterval, reageerbuisval. Bij de autocatcher („groot net op het dak van een rijdende auto”) staat dat een rijsnelheid van zo’n 30 km/u op zwoele zomeravonden het meest effectief is. En zelfs stoeptegels („in de buurt van een dood dier, om aasetende insecten te lokken”) en stofzuigers (om de vegetatie uit te zuigen en veel insecten tegelijk te verzamelen) blijken onmisbaar in het veld.

Uit interviews met Kaaistoep-pioniers Paul van Wielink en Henk Spijkers komt de toewijding naar voren: week in week uit verrichten ze tot diep in de nacht insectenonderzoek. De broekzakken van Van Wielink „puilden vroeger al uit met slakken en spinnen”, en Spijkers vertelt hoe hij als „manneke van zes, zeven” boodschappen ging doen voor zijn moeder en in de leren portemonnee kevers, pissebedden en pieren verzamelde.

Naast die anekdotes komt het resultaat van al dat zoekwerk aan bod: in 25 jaar zijn 8.984 plant- en diersoorten aangetroffen in de Kaaistoep. In die periode zijn duidelijke trends zichtbaar: onder andere de nachtvlinders gaan sterk in aantal achteruit. Maar juist dankzij de onvermoeibare inzet van alle vrijwilligers is het tij hopelijk nog te keren.

Deel deze pagina