‘Oh, kom toch eens kijken!’ riepen de kleuters van Basisschool Wandelbos. Achter een boom op hun schoolterrein ontdekten ze een grote groep zwavelkopjes. Die stonden er mooi bij. In het Wilhelminapark staan ook nog steeds oude grote reuzenzwammen en jonge, kleine inktzwammetjes. Hun vruchtlichamen schieten ook nu nog als paddenstoelen uit de grond.

Reuzenzwammen in het Wilhelminapark (foto Henk Kuiper)Reuzenzwammen in het Wilhelminapark (foto Henk Kuiper)

Dat je nog zo laat in het najaar overal paddenstoelen ziet, wordt steeds normaler. Nachtvorst maakt een einde aan de zwammen, maar die wordt de komende tijd niet verwacht. Als je de meeste plaatjes met Sint en Piet ziet, moet het er vroeger toch anders aan toe zijn gegaan. Sneeuw en handschoenen zijn nu ver te zoeken.
Je weet van tevoren niet wat er uit de zak van sinterklaas tevoorschijn komt. Ook bij schimmels weet je nooit precies wanneer ze opduiken. Er zijn soorten die jarenlang in de grond leven en heel af een toe een zwammetje boven de grond maken. Dat doen ze dan meestal om sporen te maken. Die sporen zijn heel klein en licht en waaien makkelijk mee de wind mee. Op die manier hoopt de paddenstoel een nieuw plekje te veroveren.

De reuzenzwam is een enorm grote paddenstoel. Hij heeft geen mooie hoed en een steel, zoals bij het zwavelkopje en de vliegenzwam. Het is meer een grote waaier van allemaal brede hoeden, die als dakpannetjes boven elkaar liggen. Mooie verse exemplaren hebben lichte en donkere banden. Aan de onderkant zitten duizenden kleine witte of geelachtige poriën, waaruit miljoenen sporen dwarrelen.
De reuzenzwam leeft op beuken. Maar hoe kan hij zo’n machtige boom binnendringen?
De schors van een beuk biedt bescherming tegen indringers. De dikke beukenwortels daarentegen liggen vaak half boven de grond. Door het verkeer wordt de boomvoet verwond. Ook bij het bewerken van de grond om de boom raken de wortels gemakkelijk beschadigd. Zeker in een stad gebeurt er zoveel rondom een beuk, dat het een wonder is als hij geen beschadigingen heeft. Die wonden zijn zwakke plekken en daar slaat de reuzenzwam toe. In het begin merk je daar weinig van. Maar verschijnen de grote bruine lobben, dan heeft de zwam vaak al jaren in de boom zijn werk gedaan. De houtvaten raken uiteindelijk verstopt en de boom kan dan heel moeilijk voldoende water opnemen voor al zijn bladeren. Takken sterven af. Een grote reuzenzwam aan de voet van een beuk kondigt de dood van de boom aan, al kan dat nog wel een aantal jaren duren. Als de boom gestorven is, verdwijnt de zwam niet. Eerst wordt het dode hout van binnenuit nog lekker opgegeten.

In onze stad staan nogal wat oude beuken. Rode beuken waren extra geliefd. Niet bij de arme arbeiders, maar bij de fabrikanten, zakenlieden en geestelijken. In heel wat kloostertuinen en villatuinen werd de rode beuk als statussymbool geplant. Bij de ingang van het kerkhof aan de Bredaseweg stonden ook enkele prachtige bomen. Daarvan is al één boom gesneuveld door toedoen van de reuzenzwam.
Diverse oude beuken in het Wilhelminapark zijn ook aangetast door de reuzenzwam. Misschien heb je geen zin om nu te genieten van deze prachtige moordenaar. Zoek dan maar op stammen en stronken naar de kleine zwerminktzwammetjes. Die worden niet groter dan een centimeter en leven alleen van dood hout.

Het paddenstoelenseizoen in de stad duurt altijd al langer dan in het buitengebied. Het is er met onze warmgestookte huizen gewoon iets warmer. Het is nu de tijd om eerst rondom huis te genieten van de zwammenwereld en om daarna lekker weg te kruipen op de warme bank met een paddenstoelenboekje uit de zak van sinterklaas.

Deel deze pagina