dinsdag 1 september 2020

Uit het Algemeen Dagblad, Editie Voorne-Putten, van 1 september

Het aantal vlindersoorten op Voorne is sinds de jaren zeventig met een vijfde afgenomen. Als er niet snel maatregelen worden genomen, verdwijnen er nog meer soorten, waarschuwt natuurvereniging KNNV.
Nadia Berkelder  1 september 2020, 04:48

Ook van de Kleine Vos worden steeds minder exemplaren waargenomen op Voorne. ©KNNV

De heivlinder en de duinparelmoervlinder fladderden in de vorige eeuw nog rond in de duinen, nu zijn ze er allebei al jaren niet meer gezien. De Kleine parelmoervlinder, de argusvlinder en het geelsprietkopje komen nog heel sporadisch voor op Voorne en met de eikenpage, het dikkopje, het zwartsprietdikkopje en de kleine vos gaat het slecht.

Stikstof

We zien vooral veel populieren en abelen terug groeien. Die zijn nu nog vrij klein, maar over een paar jaar zijn dat flinke bomen
Theo Briggeman

Dat het slecht gaat met de vlinders komt door de grote hoeveelheid stikstof die neerslaat in het gebied. Metingen van milieudienst DCMR wijzen uit dat de maximale waarden in de duinen, een beschermd natuurgebied, flink worden overschreden. Sommige plantensoorten groeien bijzonder goed op veel stikstof, maar die verdringen planten die van weinig stikstof houden. En die planten zijn juist weer belangrijk voor het voortbestaan van een aantal vlindersoorten.

De afdeling Voorne van de Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Vereniging heeft vorig jaar een grote inventarisatie van de vlindersoorten gedaan. Die resultaten zijn vergeleken met een onderzoek dat begin jaren zeventig verscheen. Voor die tijd zijn er geen systematische waarnemingen gedaan op Voorne. De KNNV begon er zelf in de jaren negentig mee. De meeste vlindersoorten - 23 - komen nu voor in natuurgebied Quackjeswater.

Het open duingebied moet worden hersteld om de vlinders te redden, vindt de KNNV. ,,Een jaar of acht geleden is dat al eens gedaan”, zegt Theo Briggeman, voorzitter van de afdeling Voorne van de KNNV. ,,Maar dat is inmiddels al weer helemaal dichtgegroeid. We zien vooral veel populieren en abelen terug groeien. Die zijn nu nog vrij klein, maar over een paar jaar zijn dat flinke bomen.

Uitdroging

Als er niets verandert, zijn er straks nog veel minder vlindersoorten, is de voorspelling. Vooral de soorten die zich thuis voelen in het duingebied, lopen gevaar. De KNNV pleit al langer bij gemeenten voor beter groenbeheer, bij natuurbeheerders voor meer geld voor het open maken van de duingebieden bij waterschappen voor een hoger waterpeil, om uitdroging van de bodem te voorkomen.

Om echt iets te veranderen, moet de oorzaak van het probleem worden aangepakt
Theo Briggeman

,,Het kappen van de begroeiing in de duinen is maar een tijdelijke oplossing”, vindt Briggeman. ,,Zo'n duingebied kun je bovendien maar een paar keer open maken. Omdat er ook een deel van de bodem wordt afgeplagd, raak je daarbij ook andere mineralen kwijt in zo'n gebied, die ook belangrijk zijn. Kalk bijvoorbeeld. Om echt iets te veranderen, moet de oorzaak van het probleem worden aangepakt. En dat is zorgen dat er minder stikstof wordt geproduceerd.”

De duinen op Voorne en alles wat daar leeft zijn het waard om te beschermen, vindt Briggeman. ,,Dit is, qua soorten, één van de rijkste duingebieden van Europa. Het zou wel heel erg zijn als de vlinders zouden verdwijnen. Vlinders zijn voor ons bovendien van levensbelang. Uiteindelijk zorgen ze er ook voor dat wij kunnen eten, doordat ze planten bestuiven.”

Droge zomer

Het gaat trouwens in het hele land al jaren niet goed met vlinders. Dit jaar komt de lange droge zomer daar nog overheen, liet de Vlinderstichting vorige week al weten. Door de droogte is er minder voedsel van planten voor de rupsen en zijn er minder bloemen voor de vlinders. Voor verschillende toch al bedreigde vlindersoorten zoals de kleine heivlinder, wordt de situatie na de derde hete droge zomer op rij kritiek.


Deel deze pagina