1 Inleiding

 

In 2019 hebben we op 8 zaterdagochtenden vanaf 14 september tm 9 november geteld. Op 2 november is niet geteld wegens aanhoudende regen. Verder is op zondag 6 oktober geteld tijdens de excursie van de vervolgcursus vogels. In totaal is dus op 9 ochtenden geteld.

In totaal zijn 4456 vogels geteld. Dat is het laagste aantal per jaar tot nu toe. De oorzaak is het weer. Op de helft van de zaterdagen zijn we eerder gestopt wegens de regen en op 2 november hebben we om die reden zelfs helemaal niet geteld.

 

Totalen per jaar:

 

 

2012

2013

2014

2015

2016

2017

2018

2019

teldagen

 

9

16

11

8

9

10

9

aantal ex.

6029

15193

15782

6801

5995

8193

10425

4456

 

Totalen per dag in 2019:

 

2019

sep.

okt.

nov.

Dag:

14

21

28

5

6

12

19

26

9

Uren:

4:00

1:30

3:30

4:00

2:00

2:30

2:15

4:00

4:00

Totaal:

 142

 106

 168

 786

1712 

  286

  329

  289

631

 

De Eurobirdwatch op 5 oktober 2019 was een aardige teldag. De talrijkste soort op die dag was de grauwe gans  en de op een na talrijkste de kolgans. Ook kwamen er vrij veel Sijzen langs. Opvallend was de trek van gaaien.

 

 

2 Talrijkste soort

 

Dan nu een ovezicht van de talrijkste soort. Maar een soort kwam dit jaar boven de 1000 exemplaren uit: de zanglijster.

 

2019

sep.

okt.

nov.

tot.

M

dag:

14

21

28

5

6

12

19

26

9

 

 

Zanglijster

 

 

2

55

962

7

21

10

1

1080

5

 

De top van de zanglijsters viel duidelijk op zondag 6 oktober. De cursisten van de vogelcursus werden overspoeld door zanglijsters.

 

 

3 Algemene soorten

 

Van acht soorten hebben we meer dan 100 exemplaren geteld.

Van elke soort is het aantal per dag aangegeven en het totale aantal in 2019. Ook is de mediaan (M) berekend: dit is de datum waarop de helft van het totale aantal is bereikt. Deze datum is weergegeven als een nummer; 1 staat voor de eerste teldatum in 2019, 2 voor de tweede enzovoorts. De mediaan is een simpele maat voor de tijd van het jaar waarin de soort trekt.

 

2019

sep.

 

okt.

nov.

tot.

M

dag:

14

21

28

5

6

12

19

26

9

 

 

Gaai

 

104

 

70

 

 

 

 

 

174

2

Grauwe Gans

 

 

21

223

45

 

 

1

15

305

4

Kolgans

 

 

 

136

 73

 

 22

 

 18

 249

5

Veldleeuwerik

1

 

2

5

105

2

9

2

 

126

5

Vink

33

 

31

65

272

151

118

97

70

837

6

Sijs

7

 

7

88

31

69

61

72

45

 380

6

Spreeuw

 

 

34

 4

 117

 40

 4

 

 97

296

6

Koperwiek

 

 

 

2

 11

 

 51

 2

313

379

9

 

De meest bijzondere soort dit jaar was duidelijk de gaai. Gaaien trekken de meeste jaren niet, maar soms is er opeens een grote influx van gaaien uit Oost Europa. Dit heeft waarschijnlijk te maken met hun voedselsituatie in het broedgebied. De gaaien hadden hun top op 21 september. Dank aan Marijke die de gaaien geteld heeft!

De ganzen begonnen wat later, begin oktober. Waarschijnlijk komen er ook na begin november nog veel ganzen langs.

Op 6 oktober trokken de meeste veldleeuweriken door. Vink, sijs en spreeuw trokken de hele periode wel door, maar vooral in oktober. Dit jaar waren er opvallend veel sijzen. Het aantal spreeuwen wordt nog steeds elk jaar minder. De koperwieken komen pas aan het eind van de telperiode, in begin november.

 

4 Minder algemene soorten

 

Zwaluwen zijn altijd de eerste soorten die we zien. De meeste zwaluwen zijn begin september al voorbij. Gierzwaluwen vertrekken al eind juli, en huis- en oeverzwaluwen eind augustus tot begin september. Van beide hebben we er 1 gezien. Boerenzwaluwen kwamen nog wel langs (28).

Graspiepers (79) zijn ook vroeg. De top viel in september.

Leuk was dit jaar een groep brandganzen op 5 oktober (36) en ook kwamen er nijlganzen voorbij (15).

Van de roofvogels zagen we buizerd (14), sperwer (3) en bruine kiekendief (1).

Met oostenwind komen vaak kieviten langs. Op 6 oktober waren dat er 27.

Vaak vloog de boomleeuwerik ter plaatse zingend rondjes om ons heen, maar er waren ook trekkende boomleeuweriken (23). En witte kwikstaarten (17).

Er was in het land veel mereltrek dit jaar. Wij zagen er 7. En er kwamen wat mezen langs: koolmees (12), pimpelmees (9), zwarte mees (3) en staartmees (10). En goudhaantjes (20).

We zagen dit jaar 41 kruisbekken en hoorden maar 1 barmsijs.

Van de vinken zagen we behalve gewone vinken ook putters (32), kepen (28), kneuen (16), appelvinken (10), goudvinken (2) en groenlingen (2).

En van de gorzen rietgors (5) en geelgors (1).

Als laatste kwamen de kramsvogels in november (9).

 

5 Soorten ter plaatse

 

De klapekster hebben we dit jaar niet gezien. Wel zagen en hoorden we o.a. roodborsttapuiten, boomleeuweriken,, zwarte specht, groene specht, kleine bonte specht en torenvalk.

 

Trektellen blijft toch altijd verrassend. Ik bedank Emile, Han, Marijke, Jasione, Ton, Yvonne, Pia, Hans van Schaik, Frans van Bussel en alle anderen voor hun bijdrage en aanwezigheid. Volgend seizoen gaan we weer kijken wat de trek ons dan te bieden heeft.

Nicolien Drost

Deel deze pagina