Terugblik Vervolgcursus Vogels Kijken rond Zwolle

In 2016 was het na drie jaren Basiscursus Vogels Kijken rond Zwolle de hoogste tijd voor een vervolg. Ruim vijfentwintig cursisten van de basiscursussen 2 en 3 vulden de beide cursusavonden en vijf excursies. Als excursiedoelen werden vogelgebieden bezocht, waarbij een enorme soortenrijkdom mocht worden verwacht: Texel, Zuidlaardermeer, Zwilbroek, Groninger Waddenkust en Fochteloërveen / Diependal. Inderdaad zagen we veel soorten vogels, in totaal 127 soorten. Toevallig vrijwel hetzelfde aantal als in de tien excursies samen van de laatste basiscursus in 2015. Bijzondere soorten waren o.a. de rode wouw en de griel. Wij, het begeleidend team dat bestond uit Hennie Bruggeman, Henk Selhorst, Dirk Maas en ondergetekende, hebben zelf ook veel genoten. Vandaar het besluit om in 2017 maar weer met een basiscursus te beginnen. Hierover later meer.

Peter van Dam

Terugblik Insectencursus voorjaar 2016

Met 23 deelnemers gingen we op vrijdagavond 22 april van start met een algemene inleiding over insecten door ondergetekende.

De volgende ochtend op pad in het Westerveldse Bos. Deze formule van een theorie-les gevolgd door een excursie hebben we nog 4x herhaald. Daarbij doken we steeds een beetje meer in de wereld van de zespoters: Vliegen (Ruben Winter), Waterinsecten (Hans Hop), Libellen (Ruben Winter) en Sprinkhanen (Wim Bakker).

Tijdens de laatste excursie gingen we in de Vreugderijkerwaard op zoek naar het zeldzame Locomotiefje, op 2 plaatsen bekend in NL! Na enkele uren zoeken zouden we ons bijna onverrichter zake naar de koffie begeven toen het Locomotiefje zich alsnog liet horen en zien!!!

Een betere afsluiting van een insectencursus kun je je nauwelijks wensen . . .

Deze cursus was bewust opgezet voor zowel IVN-ers als KNNV-ers. Veel cursisten hebben genoten van de veelzijdigheid en de diepgang: “Er is voor mij een hele nieuwe wereld opengegaan!”. Toch waren er ook geluiden dat de kennislat hoog lag.

Ondanks dát blijkt uit de evaluatie dat vrijwel iedereen veel heeft geleerd in een prettige sfeer.

Binnenkort gaan we met alle reacties van de deelnemers aan de slag voor een eventuele vervolgcursus, wordt vervolgd . . .

Alfred van der Burgh

Coördinator Insectenwerkgroep KNNV/IVN

 

 

Excursie Vlieland

In september jl. was Vlieland het reisdoel van ons jaarlijks Waddenweekend, traditioneel georganiseerd door Ans en Henk Selhorst. De weersverwachtingen waren prima en velen stonden in een bijzonder goede stemming op de kade van Harlingen te wachten op de boot.

Opmerkelijk was het grote aantal deelnemers van de vogelcursus die in de afgelopen drie kalenderjaren door de KNNV werd georganiseerd. In de hoop natuurlijk om wederom een aantal ‘nieuwe soorten’ toe te voegen aan de inmiddels indrukwekkende soortenlijsten. Maar, zo leert de ervaring, mooi weer op een Waddenweekend gaat vaak samen met mindere aantallen vogels. Trekkende zangvogels vliegen dan vaak zo hoog dat ze niet worden opgemerkt en zeetrekkers vliegen ver uit de kust. 

Al snel vormden zich groepjes natuurliefhebbers met een geheel eigen doel. Velen wilden toch zoveel mogelijk soorten vogels scoren. Anderen zochten vooral paddenstoelen of maakten een heerlijke wandel- of fietstocht.

In de vroege ochtend, nog voor het ontbijt, trok steevast een aantal deelnemers naar de duinen om te speuren naar jagers, roofmeeuwen, en jan van genten en duikers. Er viel niet veel te zien, maar de omstandigheden waren prima en het wachten in de duinen was geen straf. Toen een zeehond het strand op hobbelde, veerde iedereen even op.

De Kroonpolders vormen een ideale plek om vogels te spotten. Richting oosten uitgebreide slikvlaktes met duizenden steltlopers en eenden. Richting westen een aantal plasjes met o.a. lepelaars. Er was zelfs een rode lepelaar, een ontsnapte exoot.

Grote opwinding: om de zoveel tijd passeerde hier een juveniele steppenkiekendief. Voor velen een nieuwe soort. De vogel vloog langzaam voorbij, de bodem afzoekend naar mogelijke prooien. Het belangrijkste kenmerk van zo’n juveniel (een passant had het over een juventiel) is de gele halsring, door vogelaars de boa genoemd, die duidelijk zichtbaar was. Eenmaal waargenomen, zal een volgende steppenkiek eerder worden herkend.

Op zaterdag bereikte ons het bericht, dat vlakbij de Kroonspolders een kleine klapekster zou zijn gezien. De waarnemer had een fotootje geplaatst, waarop door ‘kenners’ in den lande die waarneming direct werd afgedaan als verkeerd. Het zou geen kleine klapekster betreffen, maar een gewone. Wij hebben de vogel niet gevonden.

Op zondag zijn we weer gaan zoeken en dit keer hadden we meer geluk. De vogel liet zich van zeer nabij bekijken en … het bleek overduidelijk wel een kleine klapekster te zijn. De soort is minder dan dertig keer in ons land vastgesteld. De ‘kenners’ hadden de waarneming dus niet serieus genoeg genomen en de bijgeleverde foto slecht bekeken. Het was ook op die foto moeilijker om er een gewone klapekster in te zien dan die kleine variant. Voor de meeste weekenders was dit absoluut een nieuwe soort!

Zoals elk waddenweekend ging ook deze keer de tijd te snel. We hadden in ieder geval genoeg waarnemingen om tijdens de vaartocht over na te praten. Volgend jaar weer? Ans en Henk bedankt voor de prima organisatie.

Peter van Dam

Fotoalbum Vlieland

 

Deel deze pagina