De KNNV afdeling Haarlem en omstreken werd op 16 maart 1901 opgericht als Natuurhistorische Vereniging Haarlem. Zij was op 27 december 1901 één van de grondleggers van de Nederlandse Natuurhistorische Vereniging en werd daarvan een zelfstandige afdeling. In 1951 verkreeg de vereniging het predicaat Koninklijk.  Op initiatief van Jac. P. Thijsse fuseerde de afdeling Haarlem eind 1912 met ‘zijn’ afdeling Bloemendaal tot "Haarlem en omstreken". Elkaar steunen was het doel, zodat er minder gevaar was "om als elk afzonderlijk te struikelen" aldus Jac. P. Thijsse die de vergadering op 30 december 1912 leidde. "Niet alleen het gemeenschappelijk streven, ook het werk van ieder persoonlijk strekt vooral de bloei van de afdeling en veel is er nog te bestuderen in ons mooie Kennemerland." De natuur bewonderen en bestuderen werd het parool en dat is tot op de dag van vandaag zo gebleven. Thijsse wilde daarbij ook nadrukkelijk de jongeren betrekken omdat zij "met hun meestal groot enthousiasme de bloei der afdeling kunnen verhogen." Zijn voorstel om jongeren tot de afdeling toe te laten werd goedgekeurd. Thijsse had het goed gezien. Juniores uit die tijd ontwikkelden zich later tot vooraanstaand natuuronderzoeker (Catharina Cool), publicist (Jan . P. Strijbos) en natuurbeschermer (Kees Sipkes). Onder leiding van voorzitter W. G. N. van der Sleen en vicevoorzitter Jac. P. Thijsse bruiste het eerste gezamenlijke verenigingsjaar 1913 van activiteit en nieuw elan.  

Deel deze pagina