De weergoden waren ons op 11 oktober welgezind. Ondanks de voorspelde nattigheid bleef het de hele dag droog.
Ons doel van die dag was een herhalingsbezoek aan de Bergvennen en het zetten van een boring in het Krakenven.
In 2001 hebben wij deze vennen voor het eerst bezocht. (Zie het verslag van Loekie in dat jaar)
Bergvennen_2001
De vraag was wat er veranderd zou zijn in de afgelopen 18 jaar.
Bergvennen_Eilandven-2019
De conclusie was dat er niet veel veranderd is.
Waterlobelia en oeverkruid groeien er nu massaal.
Bergvennen-waterlobelia

Bergvennen_oeverkruid
Ook de klokjesgentiaan doet het goed, maar eiafzetting van het gentiaanblauwtje hebben we niet gevonden.
Bergvennen_klokjesgentiaan
Kleine zonnedauw was aanwezig, maar veel minder dan in 2001.
Wij hadden het idee dat het al mooi was dat er water stond in de vennen, maar dat bleek niet het geval.
Om verzuring tegen te gaan, wordt er gebufferd grondwater opgepompt.
Canadees_hertshooi
Het Canadees hertshooi hebben we wel gevonden, maar niet meer dan enkele exemplaren.
Bergvennen_braakbal
Een gevonden braakbal bleek van een ooievaar te zijn.

Na de lunch was het Krakenven ons volgende doel.
Het Krakenven heeft een andere oorsprong dan de Bergvennen, het is een pingoruïne.
Onze begeleider Henry Hooghiemstra vertelde aan de hand van een excursiegids wat de achtergrond is van het ven en wat wij konden verwachten.
Krakenven_boren
Op deze plek konden wij tot 4 meter diep boren alvorens de zandlaag te bereiken.
Krakenven_boorkern1
Hierboven de eerste boorkern met links de bovenste strooisellaag.
Krakenven_4m-boorkern
Henry geeft uitleg bij de 4 meter boorkernen.
Deze opzet gaf ons een interessante kijk op het klimaat en de omgeving van de afgelopen 10 000 jaar.

 

Deel deze pagina