IVN-KNNV wandeling Hessenwegen in Aalten.


Een kwakkelwinter. Na meer dan 2 maanden regen was het de laatste week en ook nu op 18 februari zonnig. Voor veel mensen tijd om er weer eens op uit te gaan. Ik heb liefst 70 mensen geteld die op deze wandeling afkwamen.  Gelukkig waren er vier excursieleiders. Het thema was: Hessenwegen. Deze wegen waren enkele eeuwen geleden de Europese handelswegen waarlangs de kooplieden uit vooral Westfalen (en niet uit Hessen; deze naam heeft vermoedelijk een andere oorsprong) met hun koopwaar naar West-Nederland kwamen. De tegenwoordige Romienendiek was zo’n hessenweg. Deze weg liep langs Aalten over de rand van het Oostgelders plateau over de Romienendiek en de Vennebulten naar de Radstake, een oude herberg. Vandaar langs Halle en Zelhem naar Doesburg en dan verder over de Veluwe naar Amersfoort. En dan per schip naar Amsterdam. Je kunt nog goed zien waar deze weg hier liep. Delen zijn verhard, maar delen zijn ook nog zandweg zoals bij de Vennebulten.
Het waren behoorlijke wegen; ik hoorde dat de wagens van de Westfaalse kooplieden een bredere spoorbreedte hadden dan de Nederlandse wagens. Daarom liepen deze wegen apart over de woeste gronden en niet door de dorpen. Doordat de zwaarbeladen wagens diepe sporen trokken, die weer vol water en modder kwamen, reed men daarnaast een nieuw spoor. Zo konden de wegen over de heide door de eeuwen heen soms heel breed worden. Bij een van de oude boerderijen waar we langs kwamen, stond een karrenschuur vol oud gerei, waarondereen paar huifkarren. Zo moeten deze wagens er vermoedelijk uitgezien hebben, maar dan groter en breder. Men zegt dat men voor de oorlog bij de bouw van de Volkswagen deze spoorbreedte voor de nieuwe personenauto heeft overgenomen. Of dat waar is? Maar het is een mooi verhaal.
We kruisten deze oude hessenweg regelmatig, maar liepen vooral over de vele leuke paadjes die dit deel van Aalten rijk is. Hier op de rand van het Oostgelders plateau, dat hier ca 20-30 meter hoger ligt dan het lagere deel, kon je omdat er nu geen blad aan de bomen zit, prachtig het landschap bekijken. Je had je haast het gevoel in Zuid-Limburg te zijn met zijn mooie vergezichten. Compleet met holle wegen. De Romienendiek heeft trouwens met de Romeinen niets te maken. Volgens onze gids kwam de naam van Rooie Mien, een heks/kruidenvrouwtje die in de buurt van de Radstake woonde. Zij werd voor haar kruiden blijkbaar zo regelmatig bezocht dat de weg naar Rooie Mien haar naam kreeg.
Tot nu toe was het een kwakkelwinter geweest en dat was aan de natuur te zien. Langs de paden stonden overal sneeuwklokjes in bloei. Leuk om aan de groote, blad en bloemen te zien dat er zoveel verschillende soorten zijn. Maar ook veel andere planten waren al uitgelopen. Zo vonden wij op een beschutte plek daslook die al volop in knop zat. En niet alleen madeliefjes en paardebloemen bloeiden, maar wij vonden ook fluitekruid dat al schuchter in bloei stond. De groep kramsvogels die we tegenkwamen, waren echter nog echte wintergasten. Ook een sperwer maakte haar (zij was vrij groot) rondjes. Aan (oude) paddenstoelen vonden we nog: gele trilzwam, platte tonderzwam, echte tonderzwam veel elfenbankjes en het papierzwammetje.
Al met al een mooie wandeling over paadjes die ik nauwelijks kende. Meestal rijd je met een lekker tempo over de hessenweg naar de Radstake, maar wat naast die weg ligt? Ga maar kijken! Heel mooi! Ook zomers.
Ed Grotenhuis.

Deel deze pagina