Het Abtswoudsepark in Tanthof West (Delft)

Aukje Gjaltema

In het kader van ons nieuwe jaarthema ben ik gaan nadenken over wat in mijn ogen een park is of zou moeten zijn. Wat maakt een park tot een park? Waar moet een park aan voldoen om als park ervaren te worden? Wat verwacht ik van een park? En hoe zit dat als je er met ecologische ogen naar kijkt? En voldoet mijn park-in-de-buurt, het Abtswoudsepark in Tanthof West (Delft) daaraan?


Bij een park denk ik aan groen, aan grote bomen, bankjes, grasvelden, perken met struiken, borders met bloeiende planten en een vijver met eendjes erin en, wie weet, zo af en toe een ijscokar. Bij een park hoort zon, een briesje, het zoemen van insecten en vogelgeluiden. In een park kun je wandelen, zitten, liggen en spelen. Een park heeft beschutte, intieme hoekjes en mooie doorkijkjes. Een park is een plek waar je naar toe gaat op een hete dag om met een boek lekker onder een boom te gaan zitten.

Abtswoudse Park

Helaas, het Abtswoudsepark (bij de eindhalte van tram 1) voldoet niet aan dit beeld. Gras is er volop. Er liggen twee voetbalvelden waar veel gebruik van wordt gemaakt, er is een slingersloot met een leuk poldermolentje en natuurvriendelijke oevers, er zijn oprijlanen met knotwilgen.


 
Er is een vak met bomen, netjes in het gelid, met een paar picknicktafels eronder, een basketbalveldje, een pingpongtafel. Je kunt er je hond uitlaten en wandelen als je wilt. Er lopen een aantal paden doorheen, maar de meeste zijn vreselijk recht, net als de busbaan die er dwars doorheen loopt. Maar park? Het is een groene open ruimte, maar het voelt niet als een park. En dat vind ik jammer, want het is het enige officiële park binnen de grenzen van de wijk.

Wat ik mis

Wat ik mis zijn de bomen, de bloemen, de struiken en de vogels, vlinders en insecten die daar op af komen.
Ik mis beschutte hoekjes waar je lekker kunt gaan zitten, even uit de zon, uit de wind. In gedachten ga ik aan de slag: Een grote treurwilg bij de kronkelsloot, een hoek met hazelaars met een kronkelpaadjes en stinzenplanten eronder (lekker in het najaar en je kunt er zo heerlijk verstoppertje spelen..), een rand met braamstruiken om van te smullen, en een schuilplek voor heel veel insecten, een loversbankje met een haag van egelantier. O, ja, en dan in de hoek tussen de voetbalvelden en de tramlus nog wat meer bomen met een flinke grote kroon, of misschien een stuk van een bomen-abc (abeel, berk, ceder, den, es en els, f..?) of de naam Delft of Tanthof gespeld in bomen.

Bezwaren!?

Ik weet zeker dat er met niet al te veel moeite iets van te maken valt wat qua beleving als natuur een stuk rijker is dan het huidige park. Er zullen ongetwijfeld bezwaren zijn. In de eerste plaats natuurlijk geld (aanleg, onderhoud). Waar op grote schaal groenstroken met struiken geruimd worden om op onderhoud te besparen, zie ik niet snel een park veranderd worden, hoe groot de winst ook zou zijn. Maar toch denk ik dat, afgezien van de aanleg, het onderhoud niet veel extra hoeft te kosten, want al die vierkante meters gras moeten met grote regelmaat gemaaid worden, en onderhoud aan bosjes hoeft hooguit een keer per jaar.
 
Een tweede bezwaar zit in de cultuurhistorische waarde van de plek. Abtswoude is een oude weg met boerderijen aan weerskanten, die gedeeltelijk bewaard zijn gebleven ook in en rond het Abtswoudsepark.
 
 


De oude oprijlanen die door het park lopen horen daarbij. Er is daar de laatste jaren al veel afbreuk aan het oorspronkelijke karakter gedaan door o.a. nieuwbouw van woningen op oude boerenerven, en volgens het nieuwe bestemmingsplan mag dat niet meer. Ik pleit er dan ook niet voor om het hele park maar vol met bomen te zetten.

Maar juist door een subtiel en gedoseerd gebruik van groen kan volgens mij met weinig moeite een groot effect bereikt worden, zowel voor de bewoners en gebruikers van het park als voor de natuur. Wie weet. Ik ben benieuwd.

Deel deze pagina